Abbacadabra:

Bianca Folkers:
En we zijn niet bang,
Voor de boze fee.
Die gemene tang,
Zitten wij niet mee.
Want er is een tegengif,
Waar ik haar mee sla.
Als ze ons dan vangen wil,
AbbaCaDaBra
 
De rest:
AbbaCaDaBra,AbbaCaDaBra
Doe je ogen dicht,
zeg het zachtjes na.
In een grote toverboek,
in een diepe la.
staat een oude toverspreuk:
AbbaCaDaBra
AbbaCaDaBra, AbbaCaDaBra
 
Bianca Folkers:
Wij zijn aangekomen,
tussen al die bomen.
in het grote donkere bos.
 
De rest:
Wat een vreemde dingen,
appeltjes die zingen,
en ik zie een rose vos.
 
Bianca Folkers:
Maar dat is nog niks,
in het bos van de boze fee,
maak je telkens iets anders mee!
 
De rest:
Kabouters!
 
Bianca Folkers:
Ja die zitten hier erg veel,
en een kat op een bezemsteel.
 
De rest:
AbbaCaDaBra,AbbaCaDaBra
En we zijn niet bang,
Voor de boze fee.
Die gemene tang,
Zitten wij niet mee.
Want er is een tegengif,
Waar ik haar mee sla.
Als ze ons dan vangen wil,
AbbaCaDaBra
AbbaCaDaBra, AbbaCaDaBra
 
Een Jongentje:
Als ik dit vertel thuis,
trappen ze me uit huis,
geef ze maar eens ongelijk!
 
De rest:
Maar dat is nog niks,
want hoe het ook verder gaat,
we komen nog veel te laat..
Huisarrest!
 
Bianca Folkers:
Maar de tijd gaat hier niet zo vlug,
je komt echt voor het eten terug.
 
De rest:
AbbaCaDaBra,Loop me achterna
AbbaCaDaBra,AbbaCaDaBra
Doe je ogen dicht,
zeg het zachtjes na.
In een grote toverboek,
in een diepe la.
staat een oude toverspreuk:
AbbaCaDaBra
AbbaCaDaBra, AbbaCaDaBra